Op deze pagina
Samenvatting: Een geharmoniseerde indeling (CLP, bijlage VI) is een wettelijk minimum, geen volledige lijst. Voor gevarenklassen die níet geharmoniseerd zijn, bent u als fabrikant, importeur of gebruiker wettelijk verplicht de stof zélf in te delen op basis van álle beschikbare, betrouwbare informatie (CLP, artikel 4 en 5). In Nederland komt daar de Arbo-laag bovenop: de risico-inventarisatie en -evaluatie moet de werkelijke gevaren van een stof dekken, ook wanneer die uit een Gezondheidsraad-advies of een andere serieuze bron komen. Daarom kan een stof terecht een H-zin of CMR-indeling dragen die niet in de geharmoniseerde lijst staat. DOHSBase toont de indelingen van alle serieuze bronnen naast elkaar, met vermelding van de herkomst, zodat u aan die beoordelingsplicht kunt voldoen. Wélke indelingen u overneemt, blijft uw eigen verantwoordelijkheid.
De praktijkvraag
Bij xyleen (CAS 1330-20-7) toont DOHSBase de gevarenaanduiding H361d (“wordt ervan verdacht het ongeboren kind te schaden”). Een logische vraag van een arbeidshygiënist: waarom staat die erbij, terwijl H361d niet in de geharmoniseerde CLP-indeling van xyleen voorkomt en nauwelijks in de C&L-inventaris wordt genotificeerd?
Het antwoord raakt de kern van waarom DOHSBase bestaat: de geharmoniseerde lijst is niet de hele lijst, en u bent wettelijk verplicht verder te kijken.
De wettelijke plicht: u moet álle beschikbare informatie beoordelen
De CLP-verordening (EG) nr. 1272/2008 legt de indelingsplicht bij het bedrijf, niet bij een lijst:
- Artikel 4 verplicht fabrikanten, importeurs en downstreamgebruikers om een stof in te delen vóór die op de markt komt.
- Artikel 4, lid 3 maakt het onderscheid expliciet: valt een stof onder een geharmoniseerde indeling (bijlage VI), dan is díe indeling verplicht voor de daarin opgenomen gevarenklassen — maar voor alle gevarenklassen die er níet onder vallen, moet u de stof zelf indelen. De geharmoniseerde indeling is dus een ondergrens, geen eindpunt.
- Artikel 5 schrijft voor dat u “de relevante beschikbare informatie” identificeert en onderzoekt om te bepalen of een stof een gevaar inhoudt. Dat omvat nadrukkelijk meer dan één bron: test- en epidemiologische gegevens, erkende wetenschappelijke beoordelingen en andere betrouwbare informatie.
Met andere woorden: de wet vraagt niet “staat het in de geharmoniseerde lijst?”, maar “wat is er, op basis van alle serieuze bronnen, over deze stof bekend?”.
De Nederlandse laag: het Arbobesluit en de CMR-lijst
Op de werkplek komt daar de arbozorg bovenop. Het Arbeidsomstandighedenbesluit (hoofdstuk 4, Gevaarlijke stoffen) verplicht de werkgever om in de risico-inventarisatie en -evaluatie de aard, mate en duur van de blootstelling te beoordelen (art. 4.2), met aanvullende verplichtingen voor kankerverwekkende, mutagene en voor de voortplanting giftige stoffen (art. 4.2a). Die beoordeling kan alleen kloppen als ze uitgaat van de werkelijke gevaren van de stof, niet alleen van de geharmoniseerde indeling.
Een belangrijk Nederlands voorbeeld is de SZW-lijst van CMR-stoffen (halfjaarlijks in de Staatscourant). Stoffen komen daarop deels via de EU-geharmoniseerde indeling, maar deels ook op basis van een advies van de Gezondheidsraad. Xyleen staat op die CMR-lijst op grond van een Gezondheidsraad-beoordeling — precies een geval waarin de geharmoniseerde EU-lijst u onvoldoende zou informeren. Voor de bredere context, zie CMR-stoffen en ZZS en de REACH-kandidaatslijst.
De bronnen die DOHSBase samenbrengt
Niet elk bedrijf kan of wil alle bronnen zelf doorlopen. Daarom toont DOHSBase de indelingen van de belangrijkste serieuze bronnen naast elkaar, telkens met vermelding van de herkomst:
- ECHA — geharmoniseerde indeling (CLH), het wettelijke minimum;
- Gezondheidsraad (Gr), IARC, SCOEL/RAC en vergelijkbare gezaghebbende beoordelingen;
- circa 200.000 geregistreerde en genotificeerde CLP-indelingen uit de C&L-inventaris van ECHA.
Doordat elke indeling bij haar bron staat, ziet u meteen of een H-zin uit de geharmoniseerde lijst komt, uit een Gezondheidsraad-advies of uit notificaties — en kunt u die beoordeling onderbouwd maken. Dat deze volledigheid waardevol is, blijkt ook uit het feit dat de Nederlandse Arbeidsinspectie deze bredere bronbenadering waardeert. Welke gegevens DOHSBase per stof samenbrengt, staat in De DOHSBase-mogelijkheden; de H-zinnen zelf zijn toegelicht in H-zinnen: compleet overzicht.
U beoordeelt, u beslist
DOHSBase neemt de beoordeling niet van u over en schrijft niet voor welke indeling u moet hanteren. Het systeem maakt de bronnen zichtbaar; de afweging welke indelingen u overneemt, en de verantwoordelijkheid daarvoor, blijven bij u. Dat is ook precies wat de wet vraagt: een onderbouwde, eigen beoordeling op basis van alle beschikbare informatie. Een stof opzoeken en de bijbehorende grenswaarden en bronnen bekijken, kan in DOHSBase Online.
Veelgestelde vragen
Mag ik alleen de geharmoniseerde indeling gebruiken? Nee. De geharmoniseerde indeling is verplicht voor de gevarenklassen die zij dekt, maar voor de overige klassen moet u de stof zelf indelen op basis van alle beschikbare informatie (CLP art. 4, lid 3 en art. 5).
Waarom toont DOHSBase een H-zin die niet geharmoniseerd is? Omdat een gezaghebbende bron — bijvoorbeeld de Gezondheidsraad — die indeling onderbouwt, en u die volgens de wet moet meewegen. DOHSBase vermeldt daarbij de herkomst, zodat u de bron kunt nagaan.
Wat is een genotificeerde indeling? Een indeling die bedrijven zelf bij ECHA hebben aangemeld voor de C&L-inventaris. Deze indelingen lopen uiteen en zijn niet wettelijk bindend, maar vormen wel relevante informatie die u in uw beoordeling meeneemt.
Waarom staat xyleen op de CMR-lijst zonder geharmoniseerde CMR-H-zin? Omdat de SZW CMR-lijst stoffen ook op basis van een Gezondheidsraad-advies opneemt, los van de EU-geharmoniseerde indeling.